Nieuwsoverzicht | 03 oktober 2019

Tiny house officieel geopend

Student Bas verricht de officiële handeling 

Op het terrein van het Hondsrug College in Emmen is een demonstratieproject opgeleverd. Studenten van Drenthe College, Hondsrugcollege en NHL Stenden openden het eerste tiny house dat is gebouwd van honderd procent biocomposiet.

Tiny houses staan in de belangstelling omdat ze bijdragen aan het verlagen van de  CO2-uitstoot. Ze zijn klein en hebben minder bouwmateriaal nodig dan een gewoon huis. Tiny houses bestaan vaak nog uit traditionele bouwmaterialen, zoals steen, beton en staal. Dit zijn materialen die een negatieve bijdrage leveren aan het tegengaan van de klimaatverandering en de wereldwijde uitstoot van CO2. Steen, beton en staal kosten namelijk veel energie om te produceren. Kortom: het idee van tiny houses is goed, maar dan wel met alternatieve bouwmaterialen. Het kleine huis in Emmen is een goed voorbeeld.

Dragende constructie
Dit project moet aantonen dat biocomposieten niet alleen geschikt zijn als isolatiemateriaal, afdekprofielen en platen. Biocomposieten zijn ook in staat om dragende panelen, frame- en skeletbouwconstructies mogelijk te maken die voldoen aan Nederlandse en Duitse bouw- en veiligheidsnormen. De komende tijd wordt het tiny house door lectoren en studenten van NHL Stenden in Emmen uitgebreid getest op technische levensduur en weerbestendigheid.

Alternatieve bouwmaterialen
Vanuit de samenwerking tussen kennisinstellingen NHL Stenden Hogeschool, Drenthe College, Hondsrug College, het Duitse Fiber Institute Bremen en de bedrijven Kuipers & Koersbouw/Bioframe, Millvision, KIEM, Hempflax, FIBY, Domesta en het Duitse Naftex is de afgelopen twee jaar gewerkt aan de ontwikkeling van nieuwe technieken om het tiny house in Emmen te bouwen van biogebaseerde materialen. De wandpanelen, dakbedekking en kozijnen zijn hiervoor speciaal in dit project ontwikkeld.

Green PAC en Interreg
Het project is uitgevoerd binnen het initiatief Green PAC en is gerealiseerd in het kader van het (inmiddels afgeronde) Duits-Nederlandse samenwerkingsproject ‘Bio-economie in de non-foodsector'. Dit zogenoemde Interreg-project werd ondersteund met financiële middelen door de Europese Unie, de deelstaat Nedersaksen, zeven Nederlandse provincies en het ministerie van Economische Zaken en Klimaat.